Jaargang 41 - Nummer 4,  2007 - 2008

Alternatieve geneeskunde: Wat vindt Nederland en wat vinden rechters?

Er is een hevige maatschappelijke discussie gaande met betrekking tot alternatieve genezers. Moeten deze aangepakt worden als er wat mis gaat? Of juist niet? Hebben ze een zorgplicht? Of gaat het zelfbeschikkingsrecht van een patiënt voor? Op 20 augustus 2001 overlijdt Sylvia Millecam aan de gevolgen van onbehandelde borstkanker. De Vereniging tegen de Kwakzalverij en Stichting Skepsis waren het niet eens met de beslissing van het Openbaar Ministerie om de alternatieve genezers bij wie Millecam onder behandeling was, niet te vervolgen. De vereniging en de stichting begonnen een procedure tegen het OM, en niet zonder resultaat: op 9 april j.l. besloot het Hof in Amsterdam dat er alsnog een onderzoek moet worden ingesteld tegen Jomanda en twee alternatieve genezers.

De feiten

In 1999 gaat Sylvia Millecam  met een knobbeltje in de borst niet naar een chirurg, maar naar een alternatieve arts. Deze zou geconstateerd hebben dat er niets aan de hand is. Vervolgens gaat ze in 2000 naar een reguliere arts. Deze constateert borstkanker. Millecam gaat naar Jomanda – het genezend medium – en een paragnost. In 2001, in de nacht van 19 op 20 augustus overlijdt Sylvia Millecam. In 2004 doet de Inspectie voor de Gezondheidszorg aangifte tegen Jomanda en alternatieve genezers. Bij het Medisch Tuchtcollege wordt een procedure gestart. Op 7 februari 2006 verzoekt de Inspectie voor de Gezondheidszorg in hoger beroep om de behandelende artsen uit hun functie te zetten. In april van datzelfde jaar worden drie artsen, waarvan twee permanent, uit hun ambt gezet. Op 3 oktober besluit het Openbaar Ministerie artsen en alternatieve genezers, onder wie Jomanda, niet te vervolgen. Begin 2007 begint de Vereniging tegen de Kwakzalverij en Stichting Skepsis een procedure tegen het Openbaar Ministerie om alsnog vervolging af te dwingen. Dit via een zogenoemde ‘artikel 12-procedure’ . De vereniging en de stichting zijn er naar eigen zeggen niet op uit om nou per sé Jomanda c.s. te laten veroordelen, maar willen zorgen dat er een algemeen signaal wordt afgegeven richting de alternatieve genezers. Op 9 april 2008 komt de uitspraak van het Gerechtshof in Amsterdam: het Openbaar Ministerie moet Jomanda en twee alternatieve artsen alsnog vervolgen. Ter onderbouwing van deze beslissing stelt het hof dat het OM in eerste instantie als gronden voor het sepot had gegeven de eigen schuld van Millecam en haar zelfbeschikkingsrecht. Millecam zou een voortdurende afkeer hebben getoond van het behandelplan dat haar door de reguliere artsen werd aangeboden. Daarbij zou zij telkens te kennen hebben gegeven de voorkeur te hebben voor alternatieve geneeswijzen. Echter, het hof acht dit niet doorslaggevend voor de vraag of Jomanda en de andere twee hun zorgplicht hebben geschonden. Nog altijd zijn de drie verantwoordelijk voor deugdelijkheid van de te bieden zorg. Daarbij komt nog dat patiënten met een levensbedreigende ziekte nogal eens geneigd zijn open te staan voor al hetgeen hoop biedt en te vertrouwen op diegene die hun genezing in het vooruitzicht stelt.

Fouten in de reguliere geneeskunst en vertrouwen in alternatieve geneeswijzen

Er is veel kritiek op de alternatieve geneeswijzen. Wat er met Millecam is gebeurd, is natuurlijk vreselijk en daarom wordt ook nagedacht over ruimere sancties tegen alternatieven. Echter, de reguliere praktijk kent ook excessen die het daglicht eigenlijk niet kunnen verdragen. Prof. mr. Sluijters  stipt aan :

•    De affaire in Boxtel: beweerde dood drie patiënten door onenigheid in operatiekamer;
•    De veroordeling van de Utrechtse kindercardioloog: schuld aan dood van een meisje;
•    Elkerliek-affaire: ernstige fouten door onenigheid tussen gynaecologen.

Ondanks vele verwijten vanuit het reguliere artsen-kamp richting alternatieve genezers gaat er dus bij hen ook het een en ander mis. Ik denk dat we dit ook niet uit het oog mogen verliezen.
Daarnaast is het zo dat de cijfers met betrekking tot alternatieve genezers ook duidelijk zijn: Ongeveer 11 a 15% van de bevolking bezoekt alternatieve hulpverleners. Dat zijn rond de twee miljoen mensen per jaar. Met Sluijters ben ik het roerend eens: “Zou het er in die wereld allemaal geheel negatief aan toegaan dan zou men lang niet zo massaal daar zijn heil zoeken”.

Is vervolging nog zinvol?

De vervolgingskeuze van het Hof Amsterdam, waarop met veel blijdschap werd gereageerd bij de verenigingen, werd door Hendrik Kaptein  gerelativeerd. Want als het nu zo is dat Jomanda en de andere twee alsnog vervolgd worden voor de dood van Sylvia Millecam, dan kan de zaak meteen worden afgedaan met verjaring.
De drie belangrijkste gronden waarop een beroep had kunnen worden gedaan door het OM zijn volgens Kaptein dood door schuld, zwaar lichamelijk letsel door schuld en in hulpeloze toestand brengen of laten van een hulpbehoevende. Als men art. 70 Sr. bekijkt dan kan er inderdaad niet anders geconcludeerd worden dan tot verjaring, ten minste wat bovengenoemde acties betreft. Volgens Kaptein zou ook nog mogelijk kunnen zijn:  eenvoudige mishandeling of opzettelijk toebrengen van zwaar lichamelijk letsel, of in hulpeloze toestand brengen of laten ondanks rechtsplicht tot verpleging.

Daarnaast heeft volgens Kaptein het Hof Amsterdam de deur van strafoplegging al praktisch dichtgegooid. Want, zo stelt Kaptein, het Hof Amsterdam heeft bepaald dat ‘de werking van de wondermiddelen aan het oordeel van de strafrechter is onttrokken’. Inderdaad wordt het nu lastig. Aan de ene kant stelt het hof namelijk vast dat de rechter moet aannemen – om tot een veroordeling te komen – dat toepassing van de reguliere geneeskunst wel had gewerkt . Aan de andere kant stelt het hof in zijn arrest het volgende: “Vooropgesteld zij dat in een door klagers verlangde strafrechtelijke vervolging van B, K en D geen ruimte is voor een rechterlijke beoordeling in algemene zin van het nut of de risico’s van methoden, geneeswijzen of medische therapieën die een – zoals dat heet – “alternatief” karakter dragen.” Met andere woorden: Er moet bewezen worden dat de reguliere behandeling had gewerkt, maar er mag niet onderzocht worden of de reguliere behandeling heeft gewerkt. Een zeer lastige, dan wel onmogelijke, spagaat. Dat ben ik wel met Kaptein eens.

Daarnaast, zo stelt Kaptein, is het zo dat de kroongetuige (Sylvia Millecam zelf) is overleden en dat het daarom ook lastig wordt om aansprakelijkheid aan te nemen. Immers, zij kan alleen zelf duidelijkheid geven omtrent haar wensen. Dit vind ik een minder sterk argument van Kaptein. Natuurlijk, het staat als een paal boven water dat de zaken er wat gemakkelijker voor hadden gestaan wanneer Millecam nog in leven was. Betekent dat echter dat elke zaak waarbij een kroongetuige overleden is, onmogelijk op te lossen is? Ik hoop het niet.

Verschillende meningen in Nederland

De strafzaak die gaat dienen tegen Jomanda en de twee alternatieve genezers is zeker geen makkelijke. De centrale kwestie zal zijn of de drie personen verantwoordelijk zijn voor de dood van Sylvia Millecam.

Zeer recent werd bij het televisieprogramma ‘Het hof van Joosten’  een vergelijkbare zaak gereconstrueerd die uit de praktijk is gehaald. Verschillende mensen, waaronder reguliere behandelaars, alternatieve behandelaars, patiënten en ‘het publiek’ werden om meningen gevraagd. De casus was dezelfde als die waarover het Gerechtshof Den Haag op 27 maart 2006 uitspraak deed , nadat de zaak door de Hoge Raad was terugverwezen.
Een vrouw gaat met baarmoederhalskanker naar een macrobioot voor behandeling. De alternatieve genezer schrijft een behandeling voor die zonder resultaat blijft. Het gaat slechter en slechter met de vrouw en uiteindelijk komt ze te overlijden. De vraag was of de macrobioot schuldig was aan het ‘opzettelijk benadelen van de gezondheid van de patiënt met als gevolg zwaar lichamelijk letsel’. Ja, aldus het hof. Daarvoor werden onder meer de volgende overwegingen aangevoerd:

•    De macrobioot deed zich voor als behandelaar;
•    De macrobioot had een sterke afkeer tegen de reguliere geneeskunst en heeft dit ook aangegeven aan de patiënt;
•    De macrobioot wist dan wel behoorde te weten dat de kans van slagen bij een reguliere behandeling groot was;
•    De patiënte had een grote angst voor snijden. Dit wist de macrobioot;
•    De macrobioot kon geen enkel voorbeeld geven van een patiënt die dankzij een dusdanige alternatieve behandeling van kanker genezen was;
•    Conclusie: De macrobioot heeft een zorgplicht ten opzichte van de patiënt.

De macrobioot werd dus schuldig bevonden en werd veroordeeld tot zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd van twee jaar en een boete van tweeduizend euro.

Aan het begin van het programma werd aan de verschillende groepen mensen in de zaal de volgende vraag gesteld: “ Is de macrobioot verantwoordelijk?” Bij de behandelaars werd deze vraag door 69% bevestigend beantwoord. 71% van de patiënten gaf hier als antwoord ‘ja’ en bij het publiek was dit percentage 61. Aan het begin van het programma, wanneer mensen dus nog geen meningen hebben gehoord van de rechter, advocaat en OvJ (die ook aanwezig zijn), vind de meerderheid dus dat de macrobioot veroordeeld moet worden. Mr. Gerard Spong trad op als advocaat van de macrobioot en betoogde fel dat een zelfbeschikkingsrecht vóór een zorgplicht gaat, omdat volgens hem dit recht als tot een soort ‘cult’ verheven is in onze maatschappij. Daarbij gaf Spong onder meer aan dat de patiënte naar twee specialisten, een huisarts en verschillende cursussen met betrekking tot alternatieve geneeswijzen was geweest. Daarnaast had ze ook nog een kritische echtgenoot die haar sterk aanraadde om naar een reguliere arts te gaan. Met andere woorden: Volgens Spong had patiënte een zeer goede afweging gemaakt van haar besluit om bij de macrobioot te blijven.
Vervolgens werd halverwege de uitzending de volgende vraag gesteld: “Mag een macrobioot adviseren wat hij wil?” De alternatieve genezers vonden allemaal, dus 100%, dat dit niet mag. Van de reguliere genezers vond 62% dat dit niet mocht en bij de patiënten reageerde 73% afwijzend op de vraag. Een voornaam argument van de tegenstemmers was dat een macrobioot zich bewust moet zijn van zijn verantwoordelijke positie. Want: Op grond van welke argumenten adviseer jij mij iets? Als dat alleen op grond van overtuiging is, dan is het zo dat de patiënt tekort wordt gedaan. Aan de andere kant werd gesteld dat er in Nederland vrijheid van meningsuiting bestaat. Iedereen mag een geloof aanhangen.

Waren de percentages aan het eind van het programma, na alle meningen en feiten van de verschillende mensen aangehoord te hebben, nu veranderd? Wederom werd de vraag gesteld: “Is de macrobioot verantwoordelijk?” Van de behandelaars vond nu 73% dat dit zo was. Een kleine toename dus. Bij de patiënten bleef het percentage gelijk (71%) en bij de mening van het publiek was ook een redelijk grote toename waarneembaar ten nadele van de macrobioot. Het percentage was nu 72%. De beweegredenen van het publiek werden niet gevraagd, maar waar kwam nu de verandering in percentage bij de behandelaars door? In eerste instantie dacht een behandelaar dat patiënte haar eigen keuze kon maken, maar later dacht ze dat de behandelaar haar wel degelijk beïnvloed had en haar niet alle informatie had gegeven. Dit vond ze dan ook een belangrijke overweging.

Leave a Reply

Copy Protected by Chetan's WP-Copyprotect.