2019

Juli 2019

Opgeruimd staat netjes?

Wellicht dat u de razend populaire Nederlandse Netflix-serie ‘Undercover’ al heeft gezien. Ook zal u de Brabantse drugsbaron Ferry Bouman niet zijn ontschoten. Voor de onwetende: in de serie valt te zien dat twee infiltranten een hechte vriendschap met de heer Bouwman proberen op te bouwen, zodat zij onderdeel worden van zijn criminele netwerk en zicht kunnen krijgen op zijn criminele activiteiten. Uiteraard kijkt de politie mee; zij willen Ferry Bouwman achter slot en grendel. Wat in de serie opvalt, is dat grote hoeveelheden drugs geproduceerd worden. Maar wat gebeurt er daadwerkelijk met een lading drugsafval? Dit vraagstuk vormt de kern van deze blog. Ook in de ‘echte’ wereld, en dus ook in Nederland, worden talloze hoeveelheden drugs geproduceerd. Drugsafval wordt doorgaans gedumpt op afgelegen terreinen in Nederland. Wie is verantwoordelijk voor de opruiming daarvan? In deze blog wordt het juridisch kader geschetst omtrent de opruiming van drugsafval.[1]

Door: Loes Reuver

Drugsafval; publieke terreinen

Gebleken is dat gemeenten steeds vaker geconfronteerd worden met drugsafval. Zoals reeds is gesteld, vinden de dumpingen plaats op afgelegen (bosrijke) gebieden. Bij de opruiming daarvan worden doorgaans blauwe vaten aangetroffen met daarin chemicaliën. De gevolgen daarvan zijn dat planten en dieren sterven en het inademen van de lucht gevaarlijk is. Daarnaast gaat de opruiming gepaard met hoge kosten.[2]Wanneer drugsafval op terreinen met een publieke bestemming gedumpt wordt, is de gemeente in beginsel verantwoordelijk voor de opruiming daarvan. Ook de kosten komen bij de gemeente te liggen, omdat de overtreder doorgaans niet meer te traceren valt en het opruimen van drugsafval spoedeisendheid met zich meebrengt.[3]

Drugsafval; particuliere grondbezitters

Terreinen van de overheid zijn niet het enige doelwit van drugsafval. Ook particuliere grondbezitters zijn daarvan vaker de dupe. Gedacht kan worden aan particuliere eigenaren die een boerderij bezitten met daarbij een weiland. [4]Is in dit geval de particuliere eigenaar gemoeid met de opruimingskosten of dient dan de gemeente op te draaien voor de kosten? In de praktijk gebeurt doorgaans het volgende: de gemeente constateert een drugsdumping en ruimt vervolgens het afval op. Met de opruiming gaan echter kosten gepaard. Om de kosten enigszins te drukken, verhaalt de gemeente de opruimingskosten op de particuliere grondbezitter. De gemeente heeft immers een beginselplicht tot handhaving. Nadat de overtreding is geconstateerd – de dumping van drugsafval – hanteert de gemeente handhavingsinstrumenten jegens de particuliere grondbezitter, zoals een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang. [5]Is de gemeente geoorloofd om een dergelijke handelswijze te gebruiken wanneer drugsafval is gestort door een derde (en dus niet door de particuliere grondbezitter)? In een soortgelijke uitspraak beantwoordde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) de vraag ontkennend. De volgende feiten deden zich voor:

In de gemeente Nuenen constateren gemeentelijke toezichthouders meerdere malen op hetzelfde terrein – een weiland – achtergelaten drugsafval. Het college van B&W (hierna: het college) laat het afval verwijderen en merkt de eigenaren van het weiland – i.c. de erven van de overleden eigenaar – aan als overtreders. Daarbij maakt het college gebruik van het handhavingsinstrument last onder bestuursdwang. Hieraan legt het college art. 1a lid 1 van de Woningwet (hierna: Wonw) en art. 2.1 lid 1, aanhef en onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo) ten grondslag. [6]

Beide artikelen luiden als volgt:

            “Art. 1a lid 1 Wonw:

De eigenaar van het bouwwerk, open erf of terrein of degene die uit anderen hoofde bevoegd is tot het daaraan treffen van voorzieningen draagt er zorg voor dat als gevolg van de staat van dat bouwwerk, open erf of terrein geen gevaar voor de gezondheid of veiligheid ontstaat dan wel voortduurt.

Artikel 2.1 lid 1, aanhef en onder c Wabo:

Het is verboden zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren, voor zover dat gebouw bestaat uit:

(..) Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan een beheersverordening een exploitatieplan, de regels gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, of 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening of een voorbereidingsbesluit voor zover toepassing is gegeven aan artikel 3.7, vierde lid, tweede volzin van die wet.”

Uit het eerste artikel volgt de zorgplicht van de particuliere eigenaar van een bouwwerk, open erf of terrein. Op de eigenaar rust derhalve de verantwoordelijkheid om ervoor zorg te dragen dat het bouwwerk, open erf of het terrein geen gevaar voor de gezondheid of veiligheid oplevert.[7]Het tweede artikel spreekt voor zich. De Afdeling volgt het college niet. Volgens de Afdeling kan een weiland niet aangemerkt worden als terrein in de zin van artikel 1a lid 1 Wonw. Bij het oordeel is gekeken naar de reikwijdte van het Bouwbesluit 2012, omdat de Woningwet de term ‘terrein’ onvoldoende definieert. Het college mocht de erven niet aanmerking als overtreders ex art. 1a lid 1 Wonw. Verder is de Afdeling van oordeel dat niet in strijd is gehandeld met art. 2.1 lid 1, aanhef en onder c Wabo. Het storten van drugsafval is in beginsel in strijd met het geldende bestemmingsplan. Echter, gebleken is dat de erven hiervan niet op de hoogte waren. Volgens de Afdeling heeft het college niet aannemelijk gemaakt dat de erven ‘wisten of redelijkerwijs konden weten van het strijdig gebruik’. Uit de uitspraak volgt dat het college de kosten niet mocht verhalen op de erven. De gemeente blijft derhalve gemoeid met de opruimingskosten; aldus de Afdeling.[8]

En nu?

De uitspraak die zojuist is geschetst is casuïstisch. Hieruit volgt dat de bewijslast in beginsel bij de gemeente is komen te liggen indien drugsafval op terreinen van particuliere grondbezitters is gestort.[9]Het is aan de gemeente om aannemelijk te maken dat particuliere grondbezitters weten of redelijkerwijs konden weten dat drugsafval door een derde op hun terrein is gedumpt. [10]Een lastige kwestie dus. 

De uitspraak van de Afdeling heeft met name kleine gemeenten getroffen. Zij kunnen de kosten amper dragen. Het afgelopen jaar heeft de Vereniging van Nederlandse Gemeenten de kwestie aangekaart bij het Ministerie van Veiligheid & Justitie. [11]Het Ministerie van Veiligheid & Justitie heeft inmiddels laten weten dat een structureel fonds ingericht gaat worden voor het opruimen van drugsafval. [12]


[1]R. Andringa, ‘Weer meer Drugsafval gedumpt, gemeenten vrezen kosten’,  NOS, 23 maart 2019, NOS.nl; R. Van Vliet, ‘Drugsdumpingen’, VNG,23 juli 2019. vng.nl.

[2]B. Schinkel & N. Felix, ‘Zo wordt drugsafval gedumpt, duizenden euro’s schade en mais met mdma-resten’, NOS, 19 augustus 2018, NOS.nl. 

[3]R. Van Vliet, ‘Drugsdumpingen’, VNG,23 juli 2019. vng.nl; ABRvS, 27 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:622

[4]VNG, ‘Oproep: Regel tegemoetkoming in kosten opruimen drugsafval’, VNG, 31 oktober 2018, VNG.nl. 

[5]ABRvS, 20 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1044, r.o. 8.1.

[6]ABRvS, 27 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:622.

[7] De Haan, in : T&C Ruimtelijk bestuursrecht, 2019, commentaar op art. 1a Wonw (online, bijgewerkt 1 januari 2019).

[8]ABRvS, 27 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:622.

[9]R. De Grave, ‘ Gedumpt drugsafval geen kostenpost (meer) voor eigenaren weiland’, Wieringa-advocaten,4 maart 2019, wieringa-advocaten.nl.

[10]ABRvS, 27 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:622.

[11]E. Averdijk, ‘Gemeenten draaien op voor kosten opruimen drugsafval’, Damsté,13 maart 2019, damste.nl.  

[12]Brief van de Minister van Justitie en Veiligheid van 4 juli 2019, 29911-247. 

Copy Protected by Chetan's WP-Copyprotect.