Nieuws

Juni 2020

Door: Eva Huizinga


Uitzonderlijke toevoeging aan opgelegde straf: publicatie foto veroordeelde

Hoever reiken de privacy-rechten van een veroordeelde? En moeten zijn resocialisatie- mogelijkheden wijken voor het maatschappelijke belang?

Het hof in Den Haag oordeelde vorige week in een zaak van wel. In de zaak deed een man zich anders voor dan wie hij werkelijk was en ging een liefdesrelatie aan met twee vrouwen, zonder dat zij het van elkaar wisten. Op sluwe wijze troggelde de man tienduizenden euro’s af van de vrouwen en hun familie. Het hof verwoordt zijn werkwijze als volgt: ‘De verdachte windt mensen om zijn vinger en laat vervolgens een spoor van schade en verdriet achter.’

Daarnaast deed hij zich voor als verhuurder van vakantiehuizen om zo verschillende mensen voor duizenden euro’s op te lichten. Zelfs toen hij wist dat een familie een laatste reis gingen maken, omdat één familielid terminaal ziek was. Om toekomstige slachtoffers te voorkomen heeft het hof gelast dat er een foto van de veroordeelde bij de uitspraak wordt gepubliceerd.[i]

Het hof heeft een belangenafweging moeten maken tussen de privacy van de veroordeelde en de bescherming van de maatschappij. Het hof heeft dus voor het laatste gekozen. Wanneer weegt het belang van de bescherming van de maatschappij zwaarder dan de privacy van een veroordeelde? Dit leg ik uit in deze weblog.

Wettelijk kader

Het doel van het publiceren van de foto is dat een breder publiek de man zal herkennen om zo mogelijke oplichtingspraktijken in de toekomst te voorkomen. Een foto waarvan je iemand kan herkennen heeft alles te maken met portretrecht. Het eerste lid van artikel 21 Auteurswet bepaalt welk recht prevaleert in de ‘clash’ tussen het auteursrecht en het portretrecht. De persoon wiens auteursrecht rust op het portret mag het desbetreffende portret niet vervaardigen als een redelijk belang van de geportretteerde zich hier tegen verzet.

Voor verdachten en veroordeelden bestaat een uitzondering op de hoofdregel van artikel 21 Auteurswet. In het eerste lid van artikel 22 Auteurswet is bepaald dat justitie afbeeldingen openbaar mag maken in het belang van de openbare veiligheid of ter opsporing van strafbare feiten.

Maar speelt de privacy van de verdachte of veroordeelde dan geen rol?

Jawel. Er moet altijd een belangenafweging worden gemaakt. Artikel 8 van het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens moet hierbij worden meegewogen: het recht op privéleven. Door het publiceren van een dergelijke foto kan er inbreuk worden gemaakt op dit recht. In het tweede lid van het artikel worden gronden opgesomd die een dergelijke inbreuk kunnen rechtvaardigden, zoals: de nationale veiligheid en het voorkomen van strafbare feiten. Of er sprake is van een (gerechtvaardigde) inbreuk hangt af van de omstandigheden van het geval. Zo kan de bekendheid van de persoon ook meewegen in de belangenafweging.

Terug naar de onderhavige zaak

Deze zaak is de derde veroordeling van de man voor soortgelijke strafbare feiten in korte tijd. Eerdere gevangenisstraffen hebben hem niet weerhouden om te stoppen met verschillende oplichtingspraktijken. De man heeft in de onderhavige zaak buit gemaakt van 16 slachtoffers. Volgens de reclassering zal de man ook niet na deze veroordeling stoppen. Uit het advies van de reclassering volgt dat de recidivekans zorgelijk hoog en uiterst moeilijk te reduceren is. Gelet op de uitzonderlijke en aangrijpende ernst van de feiten, de hardnekkige recidive en het volstrekt onverbeterlijke gedrag, heeft het hof naast vergelding en generale preventie ook het strafdoel van speciale preventie voor ogen. Om de maatschappij langdurig te beschermen legt het hof een forse gevangenisstraf van zes jaar op.

Door eerdere grote oplichtingszaken is de man in het verleden al in de publiciteit verschenen met volledige naam en foto. Hierdoor is de kans groot dat hij valse namen zal gebruiken bij nieuwe slachtoffers, zoals hij ook in de onderhavige zaak heeft gedaan. Gelet op het voorstaande gelast het hof dat er een foto van de man zal worden gevoegd bij de uitspraak. Het hof overweegt: ‘slechts op deze manier kan de verdachte voldoende nauwkeurig worden aangewezen en wordt het doel van de openbaarmaking gediend: het waarschuwen van de samenleving.’

Effectiviteit

De foto is vooralsnog niet gepubliceerd op www.rechtspraak.nl. Dit gebeurt als de uitspraak onherroepelijk is geworden. Dit is het geval wanneer geen beroepsmogelijkheden meer openstaan voor de veroordeelde. Je zou je kunnen afvragen wanneer de veroordeelde vrijkomt na het uitzitten van zijn straf, of de foto nog in het geheugen staat gegrift van de maatschappij.


[i] ECLI:NL:GHDHA:2020:1048

Copy Protected by Chetan's WP-Copyprotect.