Een dag in het leven van Tweede Kamerlid Erik Ziengs

  • -

Een dag in het leven van Tweede Kamerlid Erik Ziengs

Karen Lely & Marjelle van ‘t Ende

Een dag in het leven van: Een liberale Drent in het parlement

Op 19 juni jl. togen redacteuren Marjelle en Karen speciaal voor Terecht Gesteld naar politiek Den Haag, om Tweede Kamerlid Erik Ziengs te ontmoeten. Voorafgaand aan de ontmoeting bezochten ze een plenaire vergadering in de Tweede Kamer, waar minister Schippers (Volkgezondheid, Welzijn en Sport) ondervraagd werd over de vrije artsenkeuze bij zorgverzekeringen. Halverwege de vergadering vertrokken ze vanaf de publieke tribune richting de fractievleugel van de VVD, waar het kantoor van Erik Ziengs en diens fractiemedewerker zich bevindt.

Erik Ziengs werd rond zijn 18e lid van de VVD. Toen hij op zijn 23e lid werd van de VVD-afdeling in Assen, was hij al vrij snel lid van de promotiecommissie. Hierna werd hij bestuurslid. Van 1993 tot 1995 was Erik Ziengs actief als gemeenteraadslid van de gemeente Assen. Na zijn functie als gemeenteraadslid werd hij afdelingsvoorzitter van de VVD-afdeling in Assen. Vervolgens was Ziengs zes jaar voorzitter van de Kamercentrale
van de provincie Drenthe. De Kamercentrale vormt een brug tussen de twaalf VVD-afdelingen uit Drenthe en Den Haag. Gedurende deze periode hield Erik Ziengs zich bezig met het samenstellen van de stemlijst voor de Provinciale Staten en adviseerde hij bij andere lijsten, zoals bijvoorbeeld die van de Tweede Kamer en het Europees Parlement. Door zijn werkzaamheden als voorzitter van de Kamercentrale was hij regelmatig in Den Haag te vinden. Dit heeft hem ertoe laten besluiten om een interne opleiding tot fractielid van de Tweede Kamer te volgen. Hiervoor liep hij destijds stage bij
(toen nog) Kamerlid Halbe Zijlstra. In juni 2010 werd hij beëdigd als lid van de Tweede Kamer.

Ondernemerschap
Inmiddels is Ziengs al vier jaar Kamerlid. Hij houdt zich als Kamerlid vooral bezig met het ondernemerschap. Zo is hij onder andere woordvoerder MKB, recreatie en toerisme en
ZZP’ers. Een ander onderwerp waar hij zich op richt is regeldruk.

Hoe ziet uw werkweek als Tweede Kamerlid eruit?
“Op maandag en vrijdag houd ik mij onder andere bezig met werkbezoeken. Op maandag vindt soms een wetgevingsoverleg plaats. Verder zijn op dinsdag, woensdag en donderdag de Kamerdagen. Dit zijn de dagen waarop er wordt vergaderd in de Kamercommissies en in de plenaire zaal, de zaal met de bekende blauwe stoelen.”

Fractievergadering
Elke dinsdag vindt er tot ongeveer 13.00 uur een fractievergadering van de VVD plaats.  Tijdens deze vergadering worden talloze fractienotities stuk voor stuk behandeld. Ziengs: “Als iedereen het eens is over de in te zetten lijn, kan een agendapunt snel afgerond worden. Voorzitter bij de fractievergadering is fractievoorzitter Halbe Zijlstra. Tijdens de vergadering heeft iedereen die wat wil zeggen de mogelijkheid om het woord te voeren,
vragen te stellen en kritische opmerkingen te plaatsen. Als na de discussie het VVD-standpunt is vastgesteld, kan de woordvoerder later die week het debat aangaan.”
“Om 14.00 uur vindt het wekelijkse vragenuurtje plaats. Kamerleden hebben tot 12.00 uur de tijd om vragen in te dienen bij de griffie van de Tweede Kamer. Vervolgens keurt de
Kamervoorzitter ongeveer vier à vijf vragen goed. De Kamerleden ontvangen hierover uiterlijk om 13.00 uur bericht. Na het vragenuurtje is het rond half vier, tijd voor de vaste wekelijkse stemmingen. Er wordt dan gestemd over moties en amendementen die de week ervoor zijn ingediend.”

Debat
“Op woensdag en donderdag vinden vanaf ongeveer 10.00 uur debatten, overleg en ronde
tafelgesprekken plaats. Ik start die dag altijd om 8.00 uur, zodat ik mij in alle rust op mijn
werkzaamheden kan richten.” “Gelet op het vroege tijdstip overnacht ik de tussenliggende
nachten in mijn appartement in Den Haag. De vrijdag kan door het ieder Kamerlid zelf  worden ingedeeld. Hierdoor vertrek ik altijd op donderdagavond weer richting mijn woonplaats Assen.” “Verder komen op vrijdag de stukken van mijn fractiegenoten binnen.  In het weekend neem ik deze stukken altijd door. Als ik vragen over de inhoud heb, neem ik telefonisch contact op met de collega die het stuk geschreven heeft. De stukken worden overigens eerst al door de fractiecommissie bekeken.” “Afgelopen maandag nam ik deel aan een politiek debat in Zoetermeer. Hierbij waren meerdere politici aanwezig. Het doel van het debat was dat er in de Tweede Kamer meer nagedacht wordt over zelfstandigen zonder personeel. Dinsdag had ik een plenair overleg over franchise. Morgen gaat een
notitie van dit overleg mee met de fractiestukken. Een notitie mag maximaal uit drie pagina’s bestaan.” Een keer per veertien dagen vindt er een procedurevergadering plaats.
Soms komt het voor dat er een extra vergadering is. Ziengs: “In de procedurevergadering
nemen commissies van de Tweede Kamer besluiten over brieven van bewindspersonen, procedures en de werkwijze die zij gaan volgen.1 Als een partij graag wil dat een onderwerp op de politieke agenda komt, dan is het belangrijk om ervoor te zorgen dat het stuk bij een vaste commissie komt. Wil het onderwerp daadwerkelijk op de politieke agenda komen, dan is vereist dat andere partijen met het stuk akkoord gaan, zodat er een meerderheid gevormd wordt. Tussendoor kunnen er spoeddebatten plaatsvinden.
Dergelijke debatten kunnen alleen plaatsvinden als ze worden verzocht door minimaal dertig Kamerleden.”

Wat zijn de leuke en minder leuke dingen aan uw werk?
“Ik vind de politiek erg leuk, omdat het dynamisch is. Hierdoor is het nooit saai. Doordat je dicht op de besluitvorming zit, zie je dat dingen die je doet soms direct uitwerking hebben. Som kan ik mij ergeren aan partijen, die ondanks de economische crisis, minder relevante punten naar voren brengen. Op dit moment is er veel te veel wet- en regelgeving, waardoor Nederlanders  vaak onbekend zijn met de inhoud daarvan. Personen kunnen zelf onderling wel dingen regelen, zonder dat daarvoor wet- en regelgeving vereist is.”

Hoe zet u zich in voor het Noorden van Nederland?
“Ik wil graag met mijn functie als Tweede Kamerlid een brug slaan tussen het Noorden van Nederland en de Randstad. Dit doe ik door werkbezoeken af te leggen bij ondernemingen
in het Noorden. Naar mijn mening is het Noorden te bescheiden, terwijl er een goede infrastructuur is en er prachtige bedrijven te vinden zijn. Dit heeft te maken met het verschil in mentaliteit tussen het Noorden en de Randstad. Ik hoop met mijn functie bedrijven binnen te kunnen loodsen bij politiek Den Haag, zodat er makkelijker deuren voor hen open gaan.” “Verder wil ik graag op de hoogte blijven van onder andere de  werkgelegenheid en investeringen. Zo heb ik bij de dreigende sluiting van de kazerne in Assen wegens bezuinigingen een rondetafelgesprek met noordelijke Kamerleden en de burgemeester en een wethouder van Assen geregeld.”

Wie is uw politieke voorbeeld?
“Mijn politieke held is Frits Bolkestein (VVD). Ik vind het knap dat Bolkestein altijd belangrijke zaken op de agenda wist te plaatsen. Voorbeelden hiervan zijn minderheden, het asielbeleid en integratie. Ondanks de politieke gevoeligheid van deze onderwerpen wist
hij dit op een nette manier te doen. Bolkestein had als kracht om goede argumenten naar voren te brengen en gebruik te maken van herhaling. Dit zorgde er uiteindelijk voor dat veel
Nederlanders op hem wilden stemmen.”

Burgers voelen zich vaak onbegrepen door politici. Staat ‘Den Haag’ te ver van de burger af?
“Dit is een discussie die je eindeloos kunt blijven voeren. Zelf denk ik dat als je je verdiept in de politiek, je al snel aansluiting kunt vinden. Mijn vader is 93 en leest de krantenartikelen
die over de politiek gaan. Deze knipt hij regelmatig uit en bewaart hij: dit is een manier om betrokken te zijn.”

Doe normaal man!
“Maar anderzijds begrijp ik ook goed dat de burger regelmatig denkt: ‘help, wat gebeurt daar allemaal in Den Haag?’ Neem bijvoorbeeld het geval dat Wilders in een discussie tegen premier Rutte zei: ‘Doe eens normaal man’, waarop Rutte antwoordde: ‘Doe zelf eens normaal man!’.2 Dat komt uitgebreid in de kranten en iedereen vormt er een mening over. Maar waar het debat nu werkelijk over ging, dat weet niemand meer. Dan bepaalt zo’n incident de beeldvorming en dat is jammer.”

Zichtbaar
“Er wordt ook een hoop onzin gezegd en geschreven, over wat er in de politiek gebeurt. Daarom is het ontzettend belangrijk dat politici laten zien wat ze doen. Het is niet voldoende om je werk alleen inhoudelijk goed te doen. Politici moeten hun verhaal ook overbrengen naar de mensen. Als mensen niets van je horen, vragen ze zich af wat je nu eigenlijk doet, daar in Den Haag. Het persoonlijke contact is daarin essentieel. Als mensen
mailen of bellen met een probleem, dan reageer ik daar altijd op en help ik als dat kan. Op meerdere sites en in tijdschriften schrijf ik columns, ik laat mijn gezicht zien op evenementen en ik neem deel aan debatten. Mijn plaats in het parlement heb ik verworven
door voorkeursstemmen. Die heb ik voornamelijk te danken aan het feit dat ik veel campagne heb gevoerd, met name in het Noorden. Ik heb hier veel tijd in gestoken. Ik ben allerlei activiteiten afgegaan, heb filmpjes gemaakt, ben met mensen in gesprek gegaan en
heb eigen campagneposters laten maken. Het is ontzettend belangrijk dat je zichtbaar bent als politicus.”

U houdt zich bezig met het verminderen van regeldruk. Over regels uit Den Haag en Europa wordt vaak geklaagd. Hoe gaat u daarmee om?
“Regelmatig kom ik met mensen in gesprek die negatief zijn over de Haagse politiek. Het is belangrijk om uit te leggen wat er gebeurt. Vaak wordt er over van alles geklaagd, bijvoorbeeld over de regeldruk. Dan vraag ik ook wel eens: ‘Kunt u mij een regel noemen die zou moeten worden afgeschaft?’ Daar kunnen mensen dan vaak geen antwoord op geven. Laatst sprak ik een aantal fabrikanten die mij wel een wet konden noemen. Hun fabrieken draaiden zeven dagen per week, en op zondag moesten ze het personeel dan dubbel betalen. Dat vonden ze nou een typisch geval van een regel die afgeschaft zou moeten worden. Dan vraag ik: ‘waar komt die regel dan vandaan?’ Want dat is helemaal geen wetgeving. Dit is gewoon een bepaling die in de CAO is neergelegd. Dat betekent dat de werkgevers hier dus zelf voor getekend hebben. Als je dat wilt veranderen, prima, maar dat is iets wat je zelf gecreëerd hebt en zelf kunt veranderen. Ga dan zelf aan de  onderhandelingstafel zitten met de werknemersverenigingen.”

Doorbetaling loon
“Een ander voorbeeld is het doorbetalen van loon bij ziekte. Werkgevers beklagen zich er wel eens over dat ze een zieke werknemer nog twee jaar lang 100% van zijn loon moeten doorbetalen. De wettelijke regeling schrijft in het tweede jaar 70% voor, maar in sommige CAO’s is dit opgehoogd naar 100%.3 Ook iets wat dus niet vanuit de politiek geregeld is.

Vrij verkeer
“Wat Europa betreft wil ik voorop stellen dat wij veel handel en werkgelegenheid te danken hebben aan de Europese samenwerking. Nederland is een handelsland. Vrij verkeer is heel belangrijk en daar moeten we optimaal van profiteren. Maar tegelijkertijd moeten we ook alert zijn op de regels die vanuit Europa komen. We willen een gelijk speelveld creëren
in de Europese Unie, maar meer ook niet. Aan belemmerende regels hebben we geen behoefte. Ook in dit verband ontstaan er misverstanden.”

Hoge hakken
“In 2012 kwam er in het nieuws dat Europa kapsters zou verbieden om hoge hakken te dragen, vanwege de veiligheid. Van alle kanten kreeg ik de vraag wat dat nou weer voor een belachelijke regel was. Ook mijn vrouw, die een kapperszaak runt in Assen, vroeg ernaar. Zelf heb ik contact opgenomen met Toine Manders (toenmalig Europarlementariër voor de VVD) die in eerste instantie ook nergens vanaf wist. Dat kwam omdat dit een afspraak was die door de brancheorganisaties zelf gemaakt was om de veiligheid in kapsalons te bevorderen. In de media was er een totaal verkeerde beeldvorming ontstaan. Mensen waren verontwaardigd omdat ‘Europa’ zich met van alles zou bemoeien.” “Ik  maak me hard voor een lagere regeldruk: dat is één van mijn speerpunten. Ik zeg altijd: gebruik ook je gezonde boerenverstand. Bedenk waar de regels vandaan komen en wat je zelf kunt veranderen zonder direct de politiek aan te kijken. En als ik dit dan uitleg, geeft het ook veel voldoening omdat er dan ook begrepen wordt wat er in de politiek gebeurt.”

Als rechtenstudenten associëren we de Tweede Kamer vooral met het maken van wetgeving. Hoewel Tweede Kamerleden natuurlijk ook veel andere dingen doen, is dit een belangrijk deel van het takenpakket. Is een juridische opleiding (dus) een pre?
Als ik iets zou willen veranderen in de wetgeving kan ik terecht bij Bureau Wetgeving. Een tijd geleden werd duidelijk dat de Aanbestedingswet niet goed werkte. Er werden bij aanbestedingen van grote projecten onredelijke eisen aan bouwbedrijven gesteld, zodat bijna geen enkel bedrijf aan de eisen kon voldoen. Als er een brandweerkazerne gebouwd moest worden, gold de eis dat de aannemer al tenminste drie andere kazernes had gebouwd. Ook als hij al andere grote projecten succesvol had afgerond, kon hij dan niet meedingen naar de opdracht. Veel ondernemers waren hier uiteraard niet blij mee. Terecht, dus deze wet wilde ik samen met enkele andere parlementariërs veranderen.
Voor de juridische ondersteuning om dit amendement te schrijven wordt je dan geholpen van medewerkers van het Bureau Wetgeving. Daar leg je uit waar je heen wilt en wat de bedoeling is. De juristen die daar werken zorgen dan voor een ‘vertaling’ in wetgeving om dat doel te bereiken. Ze zorgen ervoor dat de teksten juridisch juist zijn en controleren of je wensen goed zijn verwoord. Vanwege deze begeleiding is een juridische opleiding dus zeker niet nodig.”

We bedanken Erik Ziengs voor dit interessante inkijkje in zijn leven als politicus.Door de VVD-vleugel waar de andere fractieleden en –medewerkers hun kamers hebben lopen we naar buiten. Dan staan we weer op het Binnenhof, in de stromende regen. We verlaten het politieke centrum van Nederland en stappen in de trein terug naar Groningen, wetend dat ook de belangen van het Noorden in Den Haag behartigd worden.

Noten
1 ‘Procedurevergadering’, Parlement & Politiek, http://www.parlement.com/
id/vh8lnhrpmxv6/procedurevergadering.
2 Algemene Beschouwingen, 22 september 2011.
3 In artikel 7:629 BW is de hoofdregel opgenomen dat de werkgever verplicht
is 70% van het vastgestelde loon te betalen.


  • 0

Interview met Betty de Boer, Tweede Kamerlid

Door: Hilde van der Veen en Eveline van der Slikke

Sinds de parlementsverkiezingen van 2010 heeft Betty de Boer plaatsgenomen in de Tweede Kamer voor de VVD. Zij is verantwoordelijk voor de portefeuille ‘Grote Stedenbeleid/wijkaanpak’ en ‘Volkshuisvesting,  bouwen en wonen’. Betty de Boer is altijd al politiek geïnteresseerd geweest. Haar voorkeur voor staatsrecht heeft haar doen kiezen voor de studierichting bestuurswetenschappen (nu: Recht en Bestuur) aan de Rijksuniversiteit Groningen. Gedurende haar studietijd was ze actief bij Student en Stad. Tijdens haar loopbaan bij de provincie Groningen raakte ze actief betrokken bij de lokale VVD en mocht ze uiteindelijk in de gemeenteraad plaatsnemen. Na een telefoontje van Ivo Opstelten kwam ze op plek 10 op de landelijke verkiezingslijst terecht. In dit interview vroegen wij haar naar haar politieke loopbaan en naar de actualiteiten rondom de woningmarkt.

Hoe bent u in de Tweede Kamer terecht gekomen?
Door actieve inzet binnen de partij en het bezoeken van congressen en trainingen raak je min of meer bekend binnen de partij, leer je veel mensen kennen en krijg je de kans om een breed netwerk op te bouwen. Ook heb ik op de lijst gestaan voor de Europese parlementsverkiezingen. Ik heb destijds een half jaar heel actief campagne gedraaid en heb uiteindelijk ook best groot een aantal stemmen gehaald. Mede hierdoor ben ik ook landelijk enigszins in de kijker geraakt.

Het lijkt een intensieve baan, hoe ziet het er voor u uit en hoe bevalt dat?
Inmiddels bevalt de Tweede Kamer steeds beter, in het begin moet je natuurlijk inwerken. Doordeweeks woon ik in een appartement. Op maandag heb ik onderweg naar Den Haag werkbezoeken in het land. Dit zijn over het algemeen wijkbezoeken, afspraken met bestuurders, bouwers en woningcorporaties. Heel gevarieerd en een leuke afwisseling voor de rest van de week wanneer ik in Den Haag zit en de kameragenda heb. Op dinsdagochtend heb ik fractievergaderingen en het wekelijkse vragenuurtje. Dinsdagavond, woensdag en donderdag staat vol gepland met commissievergaderingen en afspraken. Soms heb ik dan nog meer afspraken, maar deze mensen komen dan naar Den Haag. Op donderdagavond ga ik weer richting het Noorden waar ik op vrijdag weer afspraken in de regio heb. Partijactiviteiten van de VVD zijn altijd op zaterdag en de zondag gebruik ik meestal om stukken door te nemen, mijn agenda te checken, de e-mail bij te werken en een column te schrijven. Soms moet je bewust een keer een weekend schoonvegen, anders heb je nooit vrije tijd.

U komt uit de buurt en blijft in de Groningen wonen; heeft het noorden speciale betekenis voor u?
Ik ben afkomstig uit Friesland, maar woon met veel plezier in Groningen. Mijn privéleven en het gehele sociale gebeuren spelen zich hier af en niet in Den Haag. Ik werk met veel plezier in het mooie Den Haag maar er gaat nou eenmaal niets boven Groningen! Ik heb hier een drukke, maar leuke studententijd beleefd. Ik heb altijd veel gewerkt naast mijn studie, dus voor een studentenvereniging bleef weinig tijd over. Achteraf is het misschien jammer dat ik nog niet politiek actief was bij de jongerenafdeling van de VVD (redactie: de JOVD), ik weet nu dat er een goede wisselwerking is tussen de partij en de actieve jongerenafdeling. Zij houden de partij scherp met hun kritische blik.


U bent woordvoerder Volkshuisvesting, bouwen en wonen en grote stedenbeleid/wijkaanpak.  Wat houdt dit in?
Mijn portefeuille bevat alles wat met wonen en bouwen te maken heeft. Nu de woningmarkt en woningbouw enigszins stil ligt focussen we vooral op maatregelen om de markt weer op gang te brengen. Een succespunt hierin is de verlaging van de overdrachtsbelasting. Ook houd ik mij bezig met bouwbesluiten en bouwregelgeving. Vanuit Europa komen veel regels zoals op het gebied van energielevering van woningen. Bij het uitvoeren van mijn werk speelt voor mij altijd het dilemma van keuzevrijheid voor burgers en minder regeldruk vanuit de overheid. Uiteraard zijn regels over veiligheid van groot belang, maar door meer marktwerking en minder regels kun je de markt uitdagen om met innovatieve oplossingen te komen.

Een ander actueel onderwerp is de koop- en huurmarkt. De verschillen binnen Nederland zijn aanzienlijk. Hiervoor heb ik met woningcorporaties te maken die verantwoordelijk zijn voor de sociale woningbouw. Naar aanleiding van een paar misgelopen commerciële projecten voeren we nu de discussie wat woningcorporaties wel en niet mogen. Andere punten zijn fiscale aspecten bij de woningbouw en de verstedelijking- en krimpproblematiek. Aangezien ik uit een gebied kom waar dit ook speelt, heb ik ook affiniteit met de krimpproblematiek. Daarnaast is er aandacht voor bouw van kantoren, leegstand en studentenhuisvesting. Ook houd ik mij bezig met juridische constructies als erfpacht; hoe gaan we dit inrichten in de toekomst?

Krimpproblematiek, wat wil de VVD hier aan doen?
De VVD stelt zich de vraag hoe je creatief met lege plekken kunt omgaan en ervoor kunt zorgen dat hier bijvoorbeeld een aantal kunstenaars bij betrokken wordt; het creatieve stadsidee. Als je kijkt naar de krimp op zich, hoe kan regelgeving worden versoepeld? Daarnaast is een buitenhuisje in een krimpgebied verhoudingsgewijs heel goedkoop. Een huis in het buitengebied wordt aantrekkelijk als je kinderen lekker buiten kunnen spelen, door kwaliteit van wonen en rust. Om wonen in het buitengebied aantrekkelijk te maken zijn er basisvoorzieningen nodig zoals onderwijs en vervoer. De VVD is echter een liberale partij en ik geloof dan ook iets minder in de ‘maakbare maatschappij’, dat je alles van boven kunt opleggen. Laat mensen zelf maar lekker creatief zijn door ze ruimte te geven bij de welstandstoets of in de eisen van een bestemmingsplan.

Kan het wel uit voor mensen om een tweede woning in een krimpgebied te kopen?
Ja, het kan vrij snel uit om een kleinere woning in de Randstad te hebben en er een tweede woning naast te hebben in een landelijk gebied. Mensen kunnen dan op momenten dat ze vrij zijn of wanneer ze thuis werken in de krimpgebieden wonen. Vaak gelden er echter nog bestemmingsplanbeperkingen. Denk hierbij aan de eis dat huizen in dorpen permanent bewoond moeten worden, in plaats van dat ze kunnen worden gebruikt als buitenhuisje; het zogenaamde ‘jojo-wonen’. Wij pleiten dan ook voor minder regels en meer verantwoordelijkheid voor de lokale gemeente. Minder uit Den Haag en dus meer ‘bottom-up’.

Wat speelt er momenteel op de huurmarkt?
In Nederland is veel sprake van het zogenaamde ‘scheefwonen’. Op het moment dat je met een verhoudingsgewijs laag inkomen een woning toegewezen krijgt bij de woningcorporatie wordt op dat moment de huur vastgesteld, maar daarna vindt er nooit meer een inkomenstoets plaats. In de loop van de tijd kun je best meer gaan verdienen. Je bent jong, net afgestudeerd en na verloop van tijd stijgt je inkomen. Je ziet dat er heel veel mensen in een sociale huurwoning blijven wonen vanwege de lage kosten. De huurprijs gaat niet omhoog vanwege de huurbescherming. Wel wordt de huurprijs jaarlijks met een inflatieafhankelijk percentage verhoogd, maar je ziet dat de waarde van een groot aantal woningen veel sneller stijgt, vooral in grote steden als Amsterdam. Die mensen kunnen met hun inkomen best een wooncarrière doormaken, maar doen dat niet uit financiële overwegingen. Daarom zullen we de huurbescherming een keer moeten loslaten, maar dat zie ik in de huidige coalitie niet snel gebeuren. Ik ben ervoor dat men een marktconforme huurprijs betaalt en dat mensen met een laag inkomen worden gecompenseerd door een hogere huurtoeslag. Dit betekent een hogere uitgave op het gebied van de huurtoeslag. Alleen de huurprijzen zijn ook veel hoger; er komt veel meer geld binnen bij de woningcorporaties. Je zou het dus in de vorm van een toeslag weer terug kunnen geven aan de mensen met een lager inkomen, die hebben nou eenmaal echt die woningen nodig. Het recht op wonen is een recht uit het EVRM, een woonrecht. De taak om hierin te voorzien heb je als overheid.

Middeninkomens moeten volgens u in staat worden gesteld een woning te kopen, welke gedachte zit hier achter?
Er zijn in Nederland 2,4 miljoen sociale huurwoningen en deze zijn het bezit van de woningcorporaties, dat is ongeveer een derde van het totale woningbestand. De doelgroep voor een sociale huurwoning wisselt, maar het gaat om circa 1 miljoen huishoudens. Van het totale aantal sociale huurwoningen zou best een groep woningen kunnen worden afgestoten. In het regeerakkoord hebben we het ‘recht op koop’ opgenomen. Dit recht houdt in dat mensen die in een dergelijke woning wonen, het recht hebben deze woning van de woningcorporatie te kopen. Mensen moeten volgens ons een keuze hebben. Je kunt door middel van woningbezit een stukje vermogen opbouwen, dit vind ik liberaal, sociaal en emanciperend. Ik heb liever dat dit kapitaal bij de burgers ligt dan bij de woningcorporaties.

Willen jullie corporaties verplichten om te verkopen?
Nou, zo staat het in feite wel in het regeerakkoord; als recht op koop. Of het uitvoerbaar is, is een tweede. In feite ga je op die manier als publiekrechtelijk orgaan op de stoel van de woningcorporatie zitten. Een andere uitvoering zou kunnen zijn dat woningcorporaties een deel van hun bezit aanwijzen dat ze kunnen verkopen. Wanneer er dan een huis vrij komt, wordt die woning eerst op de markt gezet zodat middeninkomens de mogelijkheid hebben een woning te kopen. Corporatiewoningen zijn gezien de prijs ideaal als starterwoning. Het recht op koop is opgenomen in het regeerakkoord en wordt dus ook gesteund door de andere partijen. Het verschil ligt erin dat de linkse partijen meer aan huren en huurders hechten, terwijl wij meer waarde hechten aan het mensen in staat kunnen stellen een bezit op te bouwen.

Denkt u dat die groep mensen met een laag inkomen een hypotheek kan krijgen voor een dergelijke woning?
In de huidige economische situatie is dat wel lastiger. In de jaren ’80 was het gebruikelijk dat mensen gewoon 30% van de woningwaarde al bij elkaar hadden gespaard, maar in de loop der jaren zijn er steeds meer tophypotheken verstrekt waarbij 110% van de woning wordt gefinancierd. In Nederland worden er te weinig huizen aangeboden, waardoor de prijzen door de grote vraag zijn gestegen. Dit komt niet door de hypotheekrenteaftrek, die bestaat al sinds 1983, maar er is gewoon sprake van een prijsstijging door marktwerking. Banken zijn terughoudender geworden in het verstrekken van hypotheken, om niet in de problemen te raken. De VVD is het hier wel mee eens, maar mensen moeten wel in staat worden gesteld een woning te kopen zonder onnodig in de problemen te komen. Nu kun je 104% van de woningwaarde lenen. In de gedragscode voor banken die per 1 augustus is ingegaan, is geregeld dat je aan het einde van de looptijd van een hypotheek van 30 jaar de helft moet hebben afgelost. Hier zijn we dus strenger in geworden. Veel woningcorporaties hebben een terugkoopplicht voor het geval dat iemand de woning wil verlaten. Wellicht is het verstandig dit lost te laten, aangezien woningcorporaties daarvoor dan altijd een bepaald bedrag paraat moet hebben.

Heeft u actief meegewerkt aan de verlaging van de overdrachtsbelasting?
Actief in die zin dat ik op de achtergrond op de verlaging van de overdrachtsbelasting heb gehamerd, maar uiteindelijk zijn de ministers en staatssecretarissen daarin leidend. De discussie ging echter over de financiering van de verlaging. De verlaging van de overdrachtsbelasting levert namelijk een staatsschuld op, terwijl we ook wat willen doen aan de hoge staatsschuld; je slaat toch een gat in de begroting. Ik heb altijd gewezen op het feit dat je zo de huizenmarkt weer los krijgt, wat goed is voor de economie. Het mes snijdt aan twee kanten. Door meer doorstroom op de huizenmarkt krijg je ook automatisch meer nieuwbouwactiviteiten en meer verhuizingen. Ze zeggen wel eens: “Eén verhuizing lokt vier andere uit”. De regeling is opzettelijk met terugwerkende kracht van een paar weken ingevoerd, anders gaan mensen afwachten en ligt de markt tot de invoering stil.

Er is een proces aangespannen door een Nijmeegs advocatenkantoor, omdat de overdrachtsbelasting strijdig zou zijn met het recht op vrije eigendom als neergelegd in het EVRM. Hoe denkt u over dit standpunt?
Ik ben heel benieuwd naar de uitkomst van dit proces. In Nederland kennen we ook het stelsel van de BTW, waarmee belasting over de overdracht van roerende goederen wordt geheven. Als de rechter oordeelt dat de overdrachtsbelasting inderdaad in strijd is met het recht op vrije eigendom, dan zou dit ook moeten gelden voor de BTW.

Wat verwacht u van de politiek in de nabije toekomst?
Er staat natuurlijk heel veel niet in het regeerakkoord wat wel in ons verkiezingsprogramma stond. Het vrijlaten van de huurprijzen bijvoorbeeld. Om deze punten te verzilveren treffen we nu al voorbereidingen. Maar aan de andere kant zitten we met de toestand in de wereld inmiddels in orkaankracht 5. Dandoen we het in Nederland lang zo slecht nog niet. Ik denk dat we de juiste keuzes hebben gemaakt door te willen bezuinigen, helemaal als je nu kijkt naar de situatie in Griekenland, Portugal of Ierland. Bezuinigingen zijn geen leuke keuzes, maar het is nou eenmaal noodzakelijk. Hierin verschilt de VVD van de linkse partijen. Hun uitgangspunt is dat een overheid die geld uitgeeft de economie stimuleert. Ik ben benieuwd wat er economisch en politiek gezien de komende jaren gaat gebeuren. Ook ben ik benieuwd naar de ontwikkeling van de andere partijen en natuurlijk hoe onze partij de komende verkiezingen wordt gewaardeerd. Politiek is toch macht; hoe meer zetels, hoe meer je te vertellen hebt.

Heeft u nog een advies dat u aan de huidige rechtenstudenten wil meegeven?
Ik vind dat je naast je studie actief moet zijn, met alleen maar achten halen kom je er ook niet meer. Zelf heb ik één jaar in de redactie van de Dorknoper (red: studievereniging Recht & Bestuur) gezeten. Door naast je studie actief te zijn bouw je niet alleen je CV op, maar je doet ook praktijkervaring op. Het is goed om op deze manier inhoud aan je studie te geven.


Archief

Zoeken

Copy Protected by Chetan's WP-Copyprotect.